Ondanks onrust op de cryptomarkt blijft de koers van Bitcoin (BTC) gesteund door institutionele vraag. Vooral Amerikaanse spot-ETF’s van grote beheerders kopen door. Dat dempt de daling na schokken in de handel met hefboom. Voor Nederlandse beleggers verschuift zo de macht van snelle handel naar langetermijnvraag.
ETF-instroom houdt prijs op
Grote partijen stappen via spot-ETF’s in Bitcoin, met BlackRock en Fidelity als zichtbare namen. Hun fondsen kopen daadwerkelijk BTC aan, vaak met Coinbase als bewaarder. Daardoor verdwijnt een deel van het beschikbare aanbod naar lange termijn-opslag. Dat helpt de koers veerkrachtig te blijven tijdens marktstress.
Zo’n ETF werkt met aanmaak en inwisseling van nieuwe aandelen wanneer er vraag of aanbod is. Bij netto instroom moet de beheerder extra BTC kopen om het fonds te dekken. Dat is structurele vraag die losstaat van korte termijnspeculatie. In weken met veel nieuws is dit vaak een stabiele factor.
Een spot-ETF koopt direct Bitcoin als onderpand, in plaats van afgeleide contracten. De vraag in het fonds vertaalt zich daardoor één-op-één naar vraag in de markt.
De dagelijkse instroom en uitstroom schommelen, maar het patroon is duidelijk: op momenten van onrust blijft de ETF-vraag vaak doorlopen. Dat beperkt scherpe dalingen na plotselinge verkoopgolven. De Amerikaanse handelsuren zijn daarbij leidend, omdat de meeste ETF’s daar verhandeld worden. Europese producten zijn kleiner, maar volgen dezelfde dynamiek.
Derivaten vergroten de schokken
Op futures- en optiesmarkten met hefboomhandel, zoals Binance, Bybit en de CME, leiden snelle bewegingen tot automatische liquidaties. Bij een daling worden lange posities gedwongen gesloten, wat extra verkoopdruk geeft. Dat kan de koers in minuten verder naar beneden duwen. De beweging is vaak fel, maar kort.
Deze “squeeze”-momenten zijn een terugkerend patroon in crypto. Ze zeggen meer over handelsposities dan over de waarde van het netwerk. Zodra de gedwongen verkopen zijn verwerkt, trekt de markt vaak weer recht. Dan komt spotvraag, zoals uit ETF’s, beter door.
- Liquidaties bij hefboomhandel verergeren dalingen.
- Macro-nieuws en dollarsterkte maken bewegingen groter.
- Minder liquiditeit in het weekend vergroot uitschieters.
Belangrijk is dat ETF’s zelf geen hefboom gebruiken. Ze kopen of verkopen de onderliggende BTC op basis van vraag naar het fonds. Daardoor kunnen ze een tegenkracht vormen tijdens paniek op derivatenbeurzen. Hun impact is vooral zichtbaar tijdens Amerikaanse handelsuren.
Spotvraag dempt verkoopdruk
Sinds de halvering van Bitcoin is de nieuwe uitgifte van munten lager. Minder verse BTC op de markt betekent minder natuurlijke verkoopdruk. Als spotfondsen tegelijk blijven inkopen, weegt dat relatief zwaarder. Het resultaat: schokken zijn heftig, maar vaak korter van duur.
Daarnaast trekken instellingen gekochte coins vaak weg van beurzen naar bewaring. Dat verkleint het direct verhandelbare aanbod. Een kleinere vrije voorraad maakt de koers wel gevoeliger voor nieuws. Maar de onderliggende vraag blijft zichtbaar in de uitstroom naar opslag.
Spotvolumes verschuiven daarbij naar de tijden dat ETF’s open zijn. De prijs vormt zich dan rond fondsinstromen en arbitrage. Buiten die uren is de handel dunner en schrikken koersen sneller. Dat patroon zet zich de laatste maanden sterker door.
Amerikaanse uren domineren prijs
De prijs van BTC reageert het sterkst wanneer de Amerikaanse markt open is. Dan handelen de grote spot-ETF’s, en zijn de volumes het hoogst. Europese ETP’s van aanbieders als 21Shares en ETC Group bestaan al jaren, maar zijn kleiner. Daardoor wordt de toon gezet in de VS en volgt Europa.
Voor beleggers betekent dit dat nieuws rond ETF-instroom snel doorwerkt in de namiddag en avond Nederlandse tijd. Overdag in Europa zijn bewegingen vaak rustiger, maar ook gevoeliger voor plotselinge orders. Marktmakers houden spreads dan soms iets ruimer. Dat kan de transactiekosten voor particulieren verhogen.
Arbitrage tussen beurzen houdt prijzen wel dicht bij elkaar. Grote verschillen verdwijnen meestal snel. Toch blijven korte spikes mogelijk bij dunne orderboeken. Dat blijft een kernrisico in digitale assets.
Gevolgen voor Nederlandse beleggers
Nederlandse beleggers kunnen kiezen tussen een Europese ETP op bijvoorbeeld Euronext Amsterdam en directe aankoop via een exchange zoals Bitvavo. Een ETP biedt beursnotering en bewaarneming, maar rekent beheerkosten. Direct kopen geeft meer controle, maar vraagt veilige opslag in een eigen wallet. De AFM wijst daarom geregeld op risico’s en volatiliteit.
De nieuwe Europese MiCA-regels gaan stap voor stap gelden en moeten bewaring en marktintegriteit beter afdekken. Dat kan het vertrouwen van instellingen in Europa vergroten. Op termijn kan dat meer liquiditeit naar Europese handelsuren trekken. Voorlopig bepaalt de Amerikaanse ETF-stroom echter het ritme.
Het kernpunt blijft: zolang spotfondsen netto BTC blijven kopen, is de dalingsruimte beperkter dan in eerdere cycli. Dat beschermt de koers niet tegen schokken, maar wel tegen langdurige uitverkoop. Voor beleggers is timing rond ETF-handelsuren en het kiezen van het juiste kanaal daarom belangrijker geworden. De markt test die balans bij elk nieuw stukje onrust.

