De vergelijking keert terug in het debat: wat als Bitcoin (BTC) in 2026 net zo hard stijgt als tijdens de Covid-jaren 2020–2021? Die vraag duikt weer op na recente analyses over de huidige cyclus, de halving en nieuwe vraagbronnen zoals spot-ETF’s. Wij zetten de feiten naast elkaar en bekijken wat er nu anders is dan toen. Daarbij letten we ook op wat dit betekent voor Nederlandse en Europese beleggers via exchanges en gereguleerde producten.
Covid-rally was uitzonderlijk
Tijdens de pandemie kelderde BTC in maart 2020 en herstelde daarna spectaculair tot het all-time high van november 2021. De stijging liep vanaf de coronadieptepunten op tot ruim een factor tien, mede door extreem ruim monetair beleid en veel nieuwe particuliere instroom. Ook Ethereum (ETH) en andere digitale assets profiteerden in die periode. Dat historische tempo is een belangrijk referentiepunt, maar geen blauwdruk.
De marktomgeving van toen was uniek. Centrale banken verlaagden rentes en kochten massaal obligaties, wat de risicobereidheid vergrootte. Thuiswerk en lockdowns versnelden de digitalisering en brachten een nieuwe golf van particuliere handel naar crypto-exchanges. Die combinatie is vandaag minder aanwezig of zelfs omgekeerd door hogere rentes.
Daarnaast waren derivatenmarkten kleiner en onvolwassener dan nu. Dat dempte soms de directe impact van hefboomposities. In 2021 groeiden perpetual-futures en opties snel, maar hun huidige schaal en snelheid zijn nog groter. Hierdoor kan dezelfde nieuwsimpuls nu tot andere koersbewegingen leiden.
Spot-ETF’s sturen de vraag
Sinds januari 2024 zijn spot Bitcoin-ETF’s in de VS goedgekeurd, wat nieuwe institutionele vraag losmaakte. Dit maakt BTC toegankelijker voor beleggers die via beurzen en brokers werken, in plaats van via crypto-wallets. De in- en uitstroom in deze fondsen kan als extra vraag- of aanbodkanaal werken. Dat bestond in de Covid-jaren nog niet.
In Europa waren al langer beursgenoteerde ETP’s op Bitcoin en Ethereum beschikbaar op onder meer Xetra en Euronext. Nederlandse beleggers hadden daardoor al een gereguleerd alternatief naast directe koop via platforms als Bitvavo met DNB-registratie. De Europese markt was dus eerder gewend aan “via-de-beurs” exposure dan de Amerikaanse markt.
Het nieuwe aan 2024–2026 is de schaal van de Amerikaanse spot-ETF’s en de zichtbaarheid van dagelijkse stromen. Die transparantie kan de prijs dynamischer maken rond nieuws of macrodata. Tegelijk kan het ook stabiliserend werken, omdat vraag niet alleen via offshore-derivaten loopt maar ook via traditionele beurzen.
Halving blijft koersmotor
De Bitcoin-halving in april 2024 halveerde de nieuwe uitgifte van BTC per blok. Minder nieuwe munten betekent lagere verkoopdruk van miners, als de vraag gelijk blijft of toeneemt. In eerdere cycli gingen halveringen vaak vooraf aan periodes van koersstijging. Maar de timing en omvang liepen sterk uiteen.
De halving is een protocolregel die elke vier jaar de beloning per blok halveert; sinds april 2024 ontvangen miners 3,125 BTC per blok in plaats van 6,25 BTC.
Het effect van de halving werkt langzaam door, omdat minerverkoop en vraag van beleggers elkaar continu beïnvloeden. Ook energieprijzen, de BTC-koers zelf en financiering van miners spelen mee. Daardoor is het halving-signaal geen exacte voorspeller van de snelheid of hoogte van een rally.
Wat wel verandert tegenover 2020–2021: het aanbod daalt opnieuw, maar de vraagkanalen zijn breder. Spot-ETF’s, Europese ETP’s en strengere custody-eisen kunnen het gedrag van kopers en verkopers sturen. Dat maakt een één-op-één herhaling van de Covid-jaren onwaarschijnlijk, al blijft schaarste een kernfactor.
Derivaten vergroten schommelingen
Perpetual-futures en opties bepalen een groot deel van het intraday koersverloop van BTC. Bij snelle dalingen zorgen automatische liquidaties van hefboomposities vaak voor extra verkoopdruk. Het omgekeerde gebeurt bij stijgingen, wanneer shortposities gedwongen worden gesloten. Dit versterkt schommelingen, los van het onderliggende nieuws.
In de Covid-jaren zagen we al zulke kettingreacties, maar de marktdiepte en handelsprogramma’s zijn sindsdien gegroeid. Dat kan cascades sneller en groter maken. Het betekent dat zelfs bij een structurele opwaartse trend forse tussentijdse dalingen normaal blijven. Voor particulieren zijn die bewegingen lastig te timen.
Ook de financieringskosten (funding rates) in perpetuals beïnvloeden de richting. Extreem positieve funding wijst vaak op oververhitting en kan aanlopen op een correctie. Het omgekeerde signaal kan juist op herstel duiden. Maar geen van beide geeft zekerheid, omdat spotstromen en nieuws het beeld plots kunnen kantelen.
Europa biedt gereguleerde toegang
De EU voert met MiCA gefaseerd regels in voor aanbieders van digitale assets. Voor Nederlandse gebruikers betekent dit strakkere eisen aan opslag, reclame en klantbescherming bij exchanges. De directe link met de BTC-koers is beperkt, maar het kan het aanbod aan producten en de informatievoorziening verbeteren. Dat is relevant als de markt weer snel beweegt.
Voor wie BTC wil via traditionele kanalen, blijven Europese ETP’s op beurzen een optie naast directe koop bij geregistreerde aanbieders. Deze producten vallen onder bestaande beursregels en toezicht, wat transparantie brengt over kosten en bewaarisico’s. Dat was in 2020–2021 minder onder de aandacht, toen veel handel nog via buitenlandse platforms liep.
Als de markt in 2026 sterk zou aantrekken, gebeurt dat dus onder andere spelregels dan tijdens de Covid-jaren. Toegang verloopt meer via gereguleerde paden, en de hefboom in derivaten is zichtbaarder. Dat kan pieken en dalen dempen of juist verhevigen, afhankelijk van waar de druk ontstaat.
Rally’s wisselen met diepe dalen
Historische BTC-cycli laten grote winsten zien, maar ook forse correcties van 50–80 procent. Na 2017 volgde in 2018 een scherpe bearmarkt, en na 2021 herhaalde zich dat patroon. Zelfs binnen bullmarkten komen dalingen van 20–30 procent vaak voor. Die context maakt elke vergelijking met 2020–2021 precair.
De kernvraag is niet alleen “hoe hard kan BTC stijgen?”, maar ook “hoe groot zijn de tussentijdse risico’s?”. Liquiditeit, derivatenstructuur en regelgeving bepalen mede het pad. Voor Europese beleggers is de route naar BTC nu gevarieerder, met zowel exchanges als beurzen. De uitkomst kan op aggregate lijken, maar de weg ernaartoe is duidelijk anders.
Samengevat: de Covid-rally was een product van unieke omstandigheden. In 2024–2026 spelen halving, ETF-stromen en strengere Europese kaders een andere rol. Wie de vergelijking maakt, krijgt vooral dit inzicht terug: het decor is veranderd, en daarmee ook de dynamiek achter elke mogelijke stijging.

