Bitcoin en Ethereum zijn vandaag hard gedaald. De verkoopdruk raakte vooral beurzen met veel hefboomhandel, zoals Binance, Bybit en OKX. Ook Europese handelsplaatsen merkten de klap, met druk op euro-paren bij Bitvavo en Kraken. De daling lijkt te komen door een mix van liquidaties op derivaten, zwakke ETF-stromen en macro-onrust rond rente en dollarsterkte.
Derivaten veroorzaken verkoopgolf
De meeste beweging begon op de markt voor perpetual futures, waar veel handel met hefboom staat. Als prijzen snel dalen, sluiten beurzen automatisch verliesgevende longposities. Dat zorgt voor extra verkooporders die de daling versnellen. Deze kettingreactie heet een liquidatiecascade.
Platforms als Binance en Bybit verwerken in zulke minuten zeer veel orders. Orderboeken worden dan dunner en bied-laat spreads lopen op. Dat vergroot het risico op slippage bij marktorders. Vooral buiten kantooruren kan de liquiditeit snel opdrogen.
Ook op de Chicago Mercantile Exchange (CME), waar professionele handelaren actief zijn, nam de volatiliteit toe. Als futuresprijzen onder belangrijke niveaus schieten, worden meer stops geraakt. Dat trekt weer extra volume aan van algoritmes. De prijsdruk werkt zo door naar de spotmarkt voor BTC en ETH.
Liquidaties zijn automatische verkopen van posities met hefboom als de marge te laag wordt. Beurzen sluiten de positie om verdere verliezen te voorkomen, wat de daling kan versnellen.
ETF-stromen vallen tegen
Spot Bitcoin-ETF’s in de VS, zoals die van BlackRock en Fidelity, speelden de afgelopen maanden juist koopdruk de markt in. Als de netto-instroom afzwakt of zelfs negatief wordt, kan dat omslaan in verkoopdruk. Dan verkopen marketmakers onderliggende BTC om uitstromen te dekken. Dat weegt direct op de spotprijs.
In Europa zijn vergelijkbare producten genoteerd op Xetra en Euronext. Deze ETP’s volgen dezelfde beweging: rustige instroom in stijgende markten, en uitstroom bij stress. Bij scherpe dalingen kunnen spreads in deze producten toenemen. Dat maakt afwikkeling duurder voor korte-termijnhandel.
Voor Nederlandse beleggers is vooral de koppeling met euro-paren relevant. Minder vraag via ETF’s in dollars werkt door in wereldwijde prijszetting. Eurokoersen lopen dan mee naar beneden. Het effect is zichtbaar op BTC/EUR en ETH/EUR bij grote exchanges.
Rentevrees en sterke dollar
Macro speelde ook mee. Sterke Amerikaanse inflatiecijfers en hogere rentes drukken de bereidheid om risico te nemen. De dollar werd sterker, wat risk assets zoals digitale valuta extra raakt. In zo’n klimaat zoeken beleggers eerder veilige havens.
Voor Europese handelaren telt daarbovenop de wisselkoers EUR/USD. Een dure dollar maakt dollargeprijsde assets relatief duurder voor eurokopers. Dat kan de koopkant tijdelijk verzwakken. De neerwaartse druk op Bitcoin en altcoins neemt dan toe.
Aandelenmarkten bewogen tegelijk lager, wat het sentiment verder verslechterde. Als meerdere markten tegelijk in de min staan, is er minder kapitaal voor riskante posities. Digitale assets reageren dan vaak sneller en scherper. De volatiliteit loopt op, ook in DeFi-tokens en kleinere altcoins.
Miners verkopen meer reserves
Na de recente halvering krijgen Bitcoin-miners minder BTC per blok. Hun inkomsten dalen terwijl energiekosten blijven doorlopen. In zwakkere markten verkopen sommige miners daarom extra reserves om kosten te dekken. Dat vergroot tijdelijk het aanbod op de markt.
Wanneer de prijs snel zakt, stijgt die druk nog eens. Miners met hogere kosten hebben dan minder ruimte om vast te houden. Ze kiezen sneller voor liquiditeit. De verkooporders komen terecht op grote beurzen en OTC-desks.
Dit effect is meestal tijdelijk, maar merkbaar in schokmomenten. Het werkt samen met liquidaties en afnemende koperskracht. Zo kunnen kleine triggers grote bewegingen veroorzaken. Vooral bij altcoins, waar orderboeken dunner zijn, is de impact zichtbaar.
Europese handel onder druk
Tijdens piekvolatiliteit liepen spreads op euro-paren merkbaar op. Dat komt door minder biedingen in het orderboek en snellere prijsbewegingen. Market makers vragen dan een hogere vergoeding voor risico. De uitvoering van marktorders kan daardoor minder gunstig zijn.
Exchanges waarschuwen in zulke periodes soms voor vertragingen in orderrouting. Ook kunnen limieten op API-verkeer ingrijpen. Voor grote orders zijn limietorders dan gebruikelijker om controle te houden over de prijs. Dat geldt voor BTC, ETH en populaire stablecoins.
Nederlandse partijen zoals Bitvavo en internationale spelers als Kraken en Coinbase bleven normaal beschikbaar. Wel benadrukken zij het risico van hoge volatiliteit en beperkte liquiditeit. Wallet-opnames en stortingen via SEPA verlopen meestal door, maar kunnen bij drukte iets vertragen. Dit is vooral relevant wanneer traders snel willen schakelen tussen wallets en exchanges.
Altcoins verliezen extra hard
Naast BTC en ETH kregen kleinere munten grotere klappen. Dunne orderboeken en minder koopinteresse zorgen voor sterkere bewegingen. Projecten in DeFi en met lagere marktkapitalisatie zijn daar gevoelig voor. Verliespercentages lopen dan snel op in korte tijd.
Stablecoins speelden een sleutelrol als tussenstap. Handelaren schuilden tijdelijk in USDT, USDC of EUR-stablecoins. De vraag naar stabiliteit stijgt tijdens een sell-off. Daardoor neemt de verkoopdruk op riskantere tokens verder toe.
Als de markt tot rust komt, stabiliseren deze geldstromen meestal. Dan herstellen spreads en volumes geleidelijk. Spotvolume kan eerst aantrekken terwijl derivaten afbouwen. Pas daarna keert vertrouwen terug in altcoins met hogere risico’s.

